KERSVERS
Vrijdag 24 april 2009
Foto: Marcel van Driel
Een laatste wandeling
gisteren door de tuin, waar zich in éen week, na mijn laatste bezoek,
ongelooflijke veranderingen hebben voorgedaan. Even van het natuurschoon genieten
voordat het vanzelfsprekend wordt, je aan de kleur-en geurwonderen gewend
raakt. Hoe hoog opgeschoten de varens en andere bodembedekkers, tot op kniehoogte.
Alsof de aardbodem je zoveel dichterbij gekomen is...
Elk beeld verandert; wij laten Nederland twaalf dagen bijzijde liggen, en
hopen hier begin mei weer aanwezig te zijn. Blijf lief voor mekaar, we moeten
nog lang mee; van harte onze groet.
Edith Ringnalda & Simon Vinkenoog, altijd samen.
Donderdag 23 april 2009
What makes Sammy run?
EXIT Martin Bril.
Hij stierf op het schrijversveld van eer: zijn ooit geuite wens vervuld: dagelijks
op de voorpagina van De Volkskrant. Voor hem het summum: door zoveel
mensen dagelijks gelezen te worden.
Hij wordt in de Volkskrant vandaag dan ook uitvoerig en meelevend
geëerd; op 'zijn plaats' een feuilleton Dicht bij huis, van
Remco Campert die hem met Jan Mulder als CAMU eerder op de voorpagina voorging,
maar dan linksonder.
Op de voorpagina 'van onze verslaggever' een kort verslag van Bril's overlijden,
gisteren, aan het begin van de avond, op 49-jarige leeftijd. Daarnaast onder
een grote foto, Verslaafd aan het leven en aan het schrijven,
het in memoriam van hoofdredacteur Pieter Broertjes, die Martin Bril zondagavond
voor het laatst zag: een afscheid. "Hij verrekte van de pijn. De strijd
tegen kanker beheerste zijn leven al vele jaren. Het laatste jaar was onmenselijk.
Maar hij wilde blijven schrijven. Dat is mijn levensader, zei hij vorig jaar
toen hij vlak voor de zomer zijn doodvonnis had gekregen."
En: "Martin was een zeer geliefd columnist. Veel lezers wilden de dag
niet beginnen zonder Bril. Wij blijven allemaal ontroostbaar achter."
Hoe geliefd bleek uit de Bril-imitatiewestrijd, die de Volkskrant in
2006 organiseerde.
"Er kwamen meer dan vijftienhonderd reacties binnen. Het tekende niet
alleen zijn populariteit, het legde ook haarfijn bloot dat zijn ogenschijnlijke
simpele stijl onnavolgbaar is en vol zit met valkuilen, zodra de pen niet
in handen is van de vakman. Zoals hij zelf het geheim achter zijn stukjes
eens samenvatte: 'Geen particuliere prietpraat, geen grachtengordelruzies."
noteert Jean-Pierre Geelen in het uitgebreide Postuum, De oppervlakte
was diep genoeg, dat met drie foto's van Bril (1 met zijn hond Toetsie)
en een karakterisering van Michaël Zeeman, Een ononderbroken zoektocht
naar het doodgewone, de tweede pagina vult.
Geelen: "Afgelopen maanden schreef hij steeds openlijker over zijn ziekte,
waardig, zonder larmoyant te worden. De vakman toonde zijn meesterschap. Hij
eindigde op een felbegeerde plek, waar ooit Stoker (= Piet Grijs, aka Hugo
Brandt Corstius, SV) waren voorgegaan: op de voorpagina."
Zeeman: "Hij schreef uitbundig over de ziekte die hem sloopte, maar weigerde
nurks over de uitkomst daarvan, de dood te berichten. Juist dat uit de weg
gaan van pathos maakte hem zo sterk, terwijl het tegelijkertijd zijn nabijheid
benadrukte. Ongewone gruwelen teisterden hem, maar hij bleef zich zo gewoon
mogelijk aan het leven vastklampen. Dat verloor hij tenslotte.: 'en fin',
het einde."
+
Dag voor vertrek naar
Italië. Ik denk na over namen genoemd in de herinneringsartikelen: ik
mis Nescio en Nico Scheepmaker, de marge, de rafels, de coke-scene.
Hier laat ik het bij: mijn dagelijks leven, dat geen gevecht tegen de dood
is, neemt over - met Edith en haar Ma op stap (per VOLVO, geen oude - Martin!)
naar de Tuin van Eden, die ons vanaf begin mei weer toegang verschaft, DV.
Adieu voor vandaag, zonnegroet van Simon Vinkenoog, op zijn eigen voorpagina.
Woensdag 22 april 2009
De muziek van Charles
Mingus (opnieuw via het New Yorkse jazz-station beluisterd) doet mijn bloed
weer even sneller kloppen, er zit niet elke dag muziek in je mailbox - voordat
ik mij nu overgeef aan de glissando's van het dagelijks leven, waarvan de
details steeds intenser en belangrijker worden - hoe de alledaagsheid verdwijnt
en het vanzelfsprekende een wonder wordt .
"Noodgedwongen koos ik voor de harde eenzame weg.."lees ik in een
interview , dat ik gaf - mij ter lezing toegestuurd. Heb ik dat gezegd? Ja,
dat moet wel. Maar over de rol van het toeval, dat niet blind of stom is,
lees ik in feite niets. In feite: alles, al wat je toevoelt - ja maak je er
maar met een woordspeling van af.
+
Na rustig gesprek met
Joep (mooie handtekeningen gezet, Clellon Holmes & Naropa-workshops uitgeleend)
gelezen in de eerste hoofdstukken van de studie die hij wijdt aan diverse
periodes in het leven van Allen Ginsberg. Zeer zorgvuldig - en met toegang
tot tot dusverre ongeopende notitieboekjes in diverse Amerikaanse archieven
- beschrijft hij de eerste ontmoeting van Allen Ginsberg, met Gregory Corso
en Peter Orlovsky met mij in 1957 in Amsterdam, ons gezamenlijk bezoek aan
Noël sur la terre, een colloquium over Arthur Rimbaud in Charleville-Mézières,
vlak voor kerstmis 1982, in Amsterdam onze bezoeken aan Theo Niermeijer en
Aat Veldhoen, een kerstdiner te mijnent, een oudejaarsavondfeest bij Reineke,
de opnamen van het gedicht September On Jessore Road met het Mondriaan
Kwartet in De Melkweg, Orlovsky's freak-out.
Er staat de lezer t.z.t. nog heel wat te wachten - ik bewonder Joeps erudiete
research; het rimbaldisme, de cultus rond Arthur Rimbaud, wordt ons heel wat
duidelijker, en amusant zijn de blikjes gegund achter de schermen van het
One World Poetry Festival in de persoon van Ben Possett.
+
History is littered with post-crisis regulations. If there are undue restrictions on the operations of business, they may view it to be their job to get around them, and you sow the seed of the next crisis.
Liz Ann Sonders, chief
investment analyst, Charles Schwab & Co, a leading US provider of investment
services.
De dame wordt geciteerd in The Anti-Empire Report van 4 april 2009
van William Blume, www.killinghope.org
. Blum toont zich in deze nieuwsbrief, Some thoughts about socialism,
sceptisch over Obama.
+
Dat ik ik ben.
Dat mijn ziel een donker bos is.
Dat mijn bekende zelf nooit
meer zal zijn dan een kleine
open plek in het bos.
Dat goden, vreemde goden,
vanuit het bos, op de plek van
mijn bekende zelf te voorschijn
komen, om weer heen te gaan.
Dat ik de moed zal moeten
hebben ze te laten komen en gaan.
Dat ik me nooit door mensen
iets zal laten wijsmaken, maar
dat ik zal proberen altijd de
goden in andere mannen en
vrouwen te herkennen en mij
aan hen te onderwerpen.
D.H.LAWRENCE
+
Edith komt opgetogen terug
van Buitenzorg , waar zij met haar moeder een paar uur heeft doorgebracht,
na haar uit Den Haag te hebben opgehaald.
Die blijft hier tot vrijdag, overmorgen logeren; drie families treffen elkaar
dan, DV, op Schiphol. In ons domein de varens al tot in de Totem gegroeid,
clematis montana staat op springen, de seringen komen uit, bloesembomen in
het tuinpark mooier dan ooit, gouden regen draagt bloemtrossen, de eerste
blaadjes van de druif (Glorie van Boskoop), de eerste rozenknopjes, de gele
bonte dovenetel, camelia en kerria japonica - zelfs de blauwe regen kroont
trossen (vorig jaar overgeslagen). Ik luister en zal me er morgen met eigen
ogen van dienen te vergewissen.
Deze dag, vanavond einde Amsterdam Wereldboekenstad met een festival op de
kop van het Java-eiland. En alvorens de vrije conversatie binnen te duiken,
met een harinkje als voorgerecht, hier nog even een belangwekkende boodschap
van de schilder Karel Appel, in zijn eigen handschrift. Tot het volgende contact.
Simon Vinkenoog, schoonzoon.
Verhelderend en openhartig
gesprek met Derrick Bergman, die ik een tijdje niet gezien heb; hij is een
van mijn vertrouwelingen. Dat durf ik, openhartig mijzelf te zijn - dat doe
ik hier ook, overigens - aangezien hij al jaren met een biografie van mij
bezig is en ik hem nergens mee in de weg sta. Integendeel, wij zijn goede
vrienden geworden - wat het voor hem misschien wat moeilijker maakt over mij
te schrijven, dan voor mij die een onopgesmukt, zo waarheidsgetrouw mogelijk
verhaal vertelt.
Ik hoef geen geheimen mee in het graf te nemen; of er na publicatie t.z.t.
onbekende feiten naar voren zullen komen: als het verhaal, de suite des
idées mijzelf maar duidelijk voor de geest staat. Bovendien merk
je al spoedig, zodra je autobiografisch gaat schrijven, dat jouw waarheid
niet de enige is: anderen hebben in een en dezelfde situatie anders gehandeld,
anders gereageerd, gedacht of gesproken dan jij (ik) deed. Hopelijk zullen
bestaande misverstanden voorgoed uit de weg geruimd kunnen worden, maar dat
is eerder een vrome wens. Hoe meer je schrijft, hoe langer je leeft, hoe dichter
vaak het web van verzinselen dat over je heen komt, als je dat niet ontwijkt:
geen zout op mijn staart: ik ben wie ik ben en ik neem mezelf zoals ik ben,
doe dat óok.
Ik ben in elk geval geen raads- of leidsman, kan andermans problemen niet
oplossen, maar de ontdekkingen die ik doe - en ik blijf die volgens mijn gevoel
opdoen - vind ik belanrijk genoeg om bijvoorbeeld hiermee, met Kersvers door
te gaan, deze neven-activiteit, die mij blijkbaar in het bloed zit.Contact.
+
De ontdekkingen die ik doe hebben meestal betrekking op eerder uitgevonden feiten, de lessen die uit de ervaring te leren zijn. Zoveel mensen van goeden wille, die zich inzetten om verheven idealen van vroeger domweg in de praktijk te brengen, zonder er grote of holle woorden aan vuil te hoeven maken. Ik vind mijn gelijk bij een columnist, soms: wat ben ik blij dat Bas Heijne die Martin van Creveld onderuit haalt, die oorlogshitser - blij te lezen dat de reeds bejaarde filosoof Hans Achterhuis een boek geschreven heeft, waaruit onomstotelijk blijkt dat geweld NIET de oplossing van een conflict kan betekenen. Hoeveel decennia ben ik al niet bezig het harmoniemodel te hanteren boven alle andere. Hoe lang geleden drong het al tot me door, dat ieder mens zijn eigen universum, werkelijkheid beleeft - en ik ben nog altijd een zeer gelukkig mens door bij mijn streven Edith Ringnalda aan mijn zijde te vinden, in het weten dat liefde ons met elkaar en de wereld verbindt.

Zomer 2008 - foto Cristi Kluivers
In de afgelopen jaren woonden wij rond deze tijd, met dit weer, al in onze datsja Eden in Buitenzorg, stadsdeel Amsterdam-Noord, entree tot het Waterland. Nu bereiden wij ons vanuit het stadsverblijf op de komende reis naar Italië (24.4 - 4.5) voor; daarna wordt het groen groen groen - welke boeken neem ik mee op reis - ik ben eerlijk gezegd aan enige rust toe. Leuk druk begin van 2009 geweest; nu even een beetje minder stroomversnelling, het scheepje even op de helling. Ha. Tot horen & zien ons weer vergaan! Simon Vinkenoog, voetspecialist.
Maandag 20 april 2009
Welkom, Week 17: 'op de
cusp van de energie', in Gary Goldschneider's Astrologie voor de 4 seizoenen:
"Om de energie van deze week in het gareel te houden, moeten we dan ook
leren te temporiseren om de effectiviteit te optimaliseren en ons tegen mogelijke
burn-out te beschermen.(...) De noodzaak te streven naar bestendigheid in
het algemeen, vol te houden en te weigeren op te geven, is de grootste uitdaging.
Maar houd voet bij stuk, dan voorkom je niet alleen dat je energie wordt verdeeld
of afneemt, maar krijg je bovendien de kracht om bergen te verzetten."
Zo mag ik het horen, hij die de schoen aantrekt die ook hem blijkbaar past.
Het weekeinde heb ik besteed aan het schrijven van een inleiding bij de tweede,
uitgebreide druk van mijn dichterlijke handreiking uit 2004 Goede raad
is vuur.
Up to date, zoals dat heet. Maar volledig zijn ze nooit; ik besef aan
de Investigative Poetry van Ed. Sanders geen aandacht te hebben geschonken,
terwijl ik er hier lyrisch over was, toen zijn tekst mij weer in handen viel.
Zoveel zand door de vingers, zoveel werelden - volgens ingewijden - in 1 enkele
zandkorrel.
Wel opende ik gisterenmiddag
in de Utrechtse Nobelstraat 12a bij Kunstliefde de tentoonstelling
Afscheid, met werk van 56 leden van het meer dan 200 jaar bestaande
beeldende kunstenaarsgenootschap, alle gebaseerd op dit thema, tevens het
afscheid van curator John Blaak.
Van te voren had ook ik gedichten op het thema uitgekozen, maar de steeds
bevolkter wordende galerie, met gezellige drukte op deze zonnige zondag bracht
mij ertoe de meer opgewekte Koraalzang te laten horen: Wij die..(en
dat twee pagina's lang) waarmee velen zich kunnen vereenzelvigen,
hoop ik.
Komen zinderen werd me
eens gevraagd; met graagte. Maar het zinderen zal in mei steeds natuurlijker
worden, als wij ons weer voor het zomerseizoen in het groen van ons tuinpark
begeven. Groen, inderdaad inderdaad Peter & Anneke! de kleur met de meeste
schakeringen!
Wij bereiden ons ook voor
op een reis, van deze vrijdag de 24e tot en met de vierde mei, naar de Golf
van Policastro met Edith's moeder Else, drie van haar dochters met echtgenoten
en kinderen. Mijn vaste site-bezoekers zullen mij niet missen en mij hopelijk
weer oppakken, als ik terug ben, D.V., en de anderen kunnen rustig rondkijken
op wat er op deze site nog meer te zien is.
Nog uren lering ende vermaak. Zelf te ontdekken, zelf uit te vinden, zelf
te verrichten - kom nader, kom nader: love is all we need!
Zelf afscheid nemen; iets waarmee je voortdurend geconfronteerd
wordt: de enige zekerheid in een zeer onzeker tijdperk, dat zwicht en zucht
en niet zwijgt: hoor toch al dat lawaai.
In stilte zijn alle antwoorden te vinden. Nog niet aan het laatste woord toe,
de 86-jarige voormalige uitgever Boetje Bommeljé, die ik gisteren bij
Kunstliefde weer ontmoette. Ik herkende hem, groette hem bij deze naam, en
hij weer: 'Jij bent een der heel weinigen die mij nog zo noemt.'
Overleven, noemt men dat, ouder worden met ongemakken van dien. Lusten en
lasten, waarbij de Lustigkeit, de levenslust voorop blijft staan! Zo zij het!
Zonnige groet, Simon Vinkenoog - reisgenoot.
..
Vrijdag 17 april 2009
Twee dagen doorgebracht,
eergisteren met een eerste optreden in Arnhem's Musis Sacrum, en
gisterenavond als eerste van twee avonden in het Muziekgebouw aan 't IJ, met
een project van het Nederlands Blazers Ensemble |Xynix
Opera.
'Het Nederlands Blazers Ensemble (NBE) is een groep van ruim twintig topmusici
die zo 'n vijftig keer per jaar samenkomen om in binnen- en buitenland bijzondere
programma's te spelen. Gezamenlijke bezieling en honger naar avontuur drijft
het NBE tot het maken van theatrale muziekprogramma's die zelden onder één
muzikale noemer te vangen zijn; het NBE speelt muziek van alle soorten en
maten die de zinnen en verbeelding prikkelt.'
Ik citeer het programma, en vermeld graag artistiek leider Bart Schneemann,
die wonderen verrichtte door in zo 'n korte tijd dit geheel samen te smeden.
.
Met als thema De kleren van de keizer waren zeven dichters benaderd
over dit sprookje van Hans Christian Andersen (1805-1875) een gedicht te schrijven;
hun tekst zou op muziek worden gezet. De samenwerking met de mij toebedachte
Martin Fondse verliep uitstekend (twee e-mails en drie ontmoetingen, waarvan
éen met stem-opnamen) en dinsdag konden wij bij de repetitie en doorloop
de volgende dag in Arnhem horen hoe het klonk; als onderdeel van deze Zes
ons Opera, op muziek van David Dramm en een libretto van Carel Alphenaar,
op en rondom twee hoge scheidrechtersstoelen, gezongen door tenor Niek Idelenburg
en bariton Wiebe Piet Cnossen.
Een voor een maakten de dichters binnen dit kader hun opwachting, ieder op
eigen wijze met andersoortige stem, tekst & muziek. Magistraal is de wijze
waarop dit allround gezelschap in staat is van de ene klanksoort op de andere
over te stappen, oude en nieuwe ritmes: het verrassende geheel werd zowel
in Arnhem als Amsterdam door de toeschouwers goed, zo niet enthousiast ontvangen.
Bijzonder aan optredens van het Blazersensemble (www.nbe.nl)
is het naprogramma van concerten in de foyers van de desbetreffende theaters,
waar musici, zangers, componisten en dichters als een soort toetje een staaltje
van eigen kunnen weggeven. Het was mij uiteraard een plezier in het Muziekgebouw
mijn gedichten Serenade voor Amsterdam en de Avonturen van Amsterdam
te kunnen laten horen; & spontaan muzikaal begeleid is het altijd Okay!
Er valt heel wat uit te dokteren, wat betreft licht, geluid, mise en scène,
overgangen - zeker als binnen dit geheel zeven gasten hun stem laten horen:
Simon Burgers schreef zowel tekst als muziek van zijn Waanvoorstelling,
F.Starik las Mijn keizerlijk gewaad op muziek van Guus Janssen, de
piepjonge rapper-composer Martijn Holtslag (11.12.1992) toonde verbluffende
inzichten in zijn Schone Schijn, Joke van Leeuwen was als video-head
het middelpunt van vijf musici die haar gesproken tekst beleidden met muziek
van Wilbert Bulsink, mijn Kleren van de keizer werd zeer
opgepept door Martin Fondse, de tekst Minkowski-ruimte van Jannemieke
Caspers op muziek van Bart de Vrees speelde zich op verschillende lagen af,
die ik niet begreep, dus moeilijk kon appreciëren. Vanavond 20u30 tweede
voorstelling - zal nog beter luisteren. Ilja Leonard Pfeijffer las als slot
van de dichtersparade de tekst Verstirsi è desiderio di essere
nudi , gezeten in de keizerlijke zetel voor op het podium.
Volgende optredens zijn in de Groningse Oosterpoort aanstaande zondag
de 19e april, 20 april De Doelen in Rotterdam, en 21 april De
Harmonie in Leeuwarden. Ik zal daarbij niet persoonlijk aanbwezig zijn,
wel als voice-over, als video-head (reeds gefilmd) of via de vele
samples vergaard door Martin Fondse.
Het programma gisterenavond werd live uitgezonden door de NPS op Radio 4;
te horen in Uitzending gemist.
En toen klonk applaus, vanuit een CD Musikanti die ik van het NBE
meekreeg, vroeg in de ochtend terwijl ik dit noteer: Nieuwjaarsconcert
1999.
Nog 1 keer maak ik dit avontuur vanavond mee, het NBE is zich al aan het voorbereiden
op het volgende programma Danza del Viento, met rebab, ud, santur
& percussie, uit te voeren in Amsterdam Grote Zaal Concertgebouw 14 mei
20u.15, tevens die maand in Antwerpen, Saint-Quentin-en-Yvelines, Keulen en
Praag
Dit was de line-up van gisteren, met dank aan iedereen. Uiterst links,
voor u in de zaal uiterst rechts uw Simon Vinkenoog, Paradijsvogel.
Woensdag 15 april 2009

Heeft er slechts acht dagen over gedaan, om hierheen te vliegen
vanuit Mountainair, New Mexico, USA: Timothy Wyllie's A Cosmic Creation
Fable, The Helianx Proposition or, The Return of the Rainbow Serpent. De
Xerox-ringband uitgave is uitbundig geïllustreerd met 74 pagina-grote
tekst-tekeningen (hierboven pagina 8) op de rechterpagina; de linkerpagina's
geven het grote verhaal van de Superuniversa, die het Multiversum
uitmaken. Quantum bioengineering; mij persoonlijk kan het niet te
ver gaan - ik zie in de Helianthropic Glossary achterin zowel verwijzingen
naar het Urantia Book, als Wikipedi en Robert Temple's Sirius
Mystery - het smaakt naar meer, maar even leg ik het opzij: dit is slechts
een ontvangstbevestiging, straks rijden Edith en ik met een muzikant van het
Blazers Ensemble mee, naar de heilige Muziektempel in Arnhem.
In de tussentijd: more information on the books, artwork, music and poetry
of Timothy Wyllie, please visit his website: www.timothywyllie.com
+
Kom, kom, ik kom weerom: sunny side up! Simon Vinkenoog.
Dinsdag 14 april 2009
Weinigen onder ons leven
zonder teleurstellingen. Hoe ga je er mee om? In mensen teleurgesteld; heb
je de verwachtingen te hoog opgeschroefd? Enthousiasme is aanstekelijk, maar
hoe houd je die kwaliteit (eigenschap) duurzaam? Vragen stellen wordt er zeker
niet minder op, al naar je levensjaren verstrijken - en uiteraard liggen de
antwoorden als koeien van waarheid overal te herkauwen.
Bovendien is het besef bij mij al jaren groeiende, dat mijn eigen vraag- en-antwoordspel
met mij verdwijnt (in aarde of vuur: de keuze ligt nog open), al blijven uiteraard
de media-kanalen waarin ik mij begeven heb, alsmede de schatten aan informatie
hier en in mijn Geschriften/Gestalten verschaft nog wel een tijdje naneuriën,
voordat wij ons allemaal begeven in de grote symphonie van Leven & Dood,
die ons aller bestaan uitmaakt, een eindje verder en een stuk terug. Ieder
mens zijn eigen weg, waarheid en leven, om te geven en te nemen. Love
it or leave it!
+
Vanochtend een repetitie
met het Nederlands Blazers Ensemble; Martin Fondse heeft een gedicht
van mij op muziek gezet, en samen met zes andere dichters-componisten worden
deze uitgevoerd, morgen in Arnhem, dan donderdag en vrijdag het Muziekgebouw
aan 't IJ in Amsterdam en vervolgens verder, met of zonder mij. Thema: de
kleren van de keizer.
Nu met het oog op een komend bezoek opnieuw middagje Tuin; verder met mijn
surrealistische ontmoetingen. Nog even een momentopname terug, en dan weer
tot ziens/horens/lezens, beste mensen. Een voorjaarsgroet van Edith &
Simon Vinkenoog, Louter Genietend.
En dat was het ook met Rick de Leeuw (48) die mijn oppervlakte
voor het maandblad ZIN naar diepte aftastte.
Traiteur Peperwortel wist onze smaakpapillen te strelen.
Maandag 13 april 2009

Jantien Jongsma: De Aanval, 200 x 300 cm, gouache en krijt op papier, 2008
Sander Boschma van Galerie de Meerse toont van vrijdag 17 april t/m zondag
31 mei in de Salon van Het Oude Raadhuis in Hoofddorp een serie tekeningen
van Jantien Jongsma.
De opening vindt plaats vrijdag 17 april vanaf 19.00 uur. U bent van harte
uitgenodigd. Zie www.galeriedemeerse.nl
+
Het surrealisme leeft!
En hoe; bij elk seizoensnummer van Brumes Blondes dat in mijn bus
valt, zojuist de zes pagina's 25 x 33 cm van het Quatrième Série
Numéro 3 Printemps 2009 Imprimé en Hollande (ISSN
1874-0219), sta ik weer versteld van het aantal medewerkers (tekst en beeld)
uit de gehele wereld, die hier zijn samengebracht door de redacteuren Her
de Vries en Laurens Vancrevel.
Het zijn er dertig: uit Frankrijk, de USA, Argentinië, Mexico, Portugal,
Duitsland en uiteraard Nederland. Gewaarschouwd: er is geen woord Nederlands
bij: voertalen frans/engels/spaans. Interessant zijn de antwoorden op de enquète
naar LE HASARD OBJECTIF, het toeslaan van het toeval in het leven.
Alain Joubert beschouwt het woord syncretisme en ziet in het surrealisme
een levend voorbeeld daarvan: als lignes de force het voornamelijk
Duitse romantisme, Sade en Saint-Just, Arthur Rimbaud en Isidor Ducasse, Gérard
de Nerval, Mallarmé en Alfred Jarry, Sigmund Freud en de Anarchie,
Jacques Vaché en Marcel Duchamp, Marx, la poétique de l
alchimie, la parole Héraclitéenne, het sjamanisme,
Charles Fourrier & l'écart absolu, en genoemd ook de situationnisten.
Kortom: Le Grand Surréalisme n'attend plus que vous!
En daarbij: "N'oubliez pas, toutefois, que votre inconscient en
saura toujours plus que vous, ni que vivre exige un effort de tous
les instants fatals."
+
F R I T Z I H A R M S E N V A N B E E K
28 juni 1927 - 4 april 2009
GOED BEGREPEN?
Als je
weerkomt, indien je: ik stuit de wateren, de sluizen
stut, indien en domp ik de wind! Zo, Droog, Snel, en
Niet omzien, het Diep
van Auard Oversteken; recht van
uit je graf in Tandartsebosje draafje Losjes, Onverschillig
liefst, naar het Land
van Pon. Waar ik je opwacht bij
de brug indien, een blinkende kluif in elke hand, je me
terug keert. En verdrijf
het gehoornde vee aldaar, die
olle halfheilige treiterborsten, met behulp van Pan.
(Omkopen met druiven denk
ik. Fluiten? Gooien met
kikkers.
Misschien.) En noem je namen, O Lipoe m'n Pootjesslang.
'Sierlijke Reigerbek,
Steelse Geep, Fluwelia, Schele
Puiloog en Hondester', o Onberispelijke, herken me dan?
Ai vlug dus, vraag Orion
verlof nu! Wat maakt die spat
hem op zijn twinkelende eeuwigheid! Zijn kennels puilen
uit van sterren, zijn velden zijn er mee bedauwd, hij
stoft ze van zijn jagerslaarzen, bij bossen, rivieren
vol, op bergen stapelt
hij de speelste zielen, Alle
Jachthonden! hij mist je niet en wat dan nog: voor eventjes?
Als de wind dus! nu alsdewind,
voordat ikzelf vertrokken
want daaromtrent allesbehalve rustig ben, dus hopsa, kom
en vlúg nu waarachtig,
ik kan en wil niet langer, te
wachten ach, en wat me daarna staat
+
- de mens en zijn/haar stem. Meer dan levenslang. Simon Vinkenoog, recycler.
Zondag 12 april 2009
Jos Punt (1946) is bisschop
van Haarlem en sinds kort ook van Amsterdam. Hij heeft de drie andreas-kruisen
van de stad onlangs laten opnemen in zijn bisdomwapen. In de klapstoel-rubriek
van Het Parool van gisteren geeft hij uitgebreid antwoord op zestien
hem door Frans Bosman gestelde vragen. Hij ging na de hbs economie studeren
aan de Amsterdamse universiteit, "maar ik had meer interesse in spiritualiteit
en religies. Het was in de jaren van The Beatles en de Maharishi.
Ik heb transcendente meditatie gedaan en zat vier jaar bij het geheime genootschap
de Rozenkruisers. Het codewoord was kosmisch bewustzijn. Ik ging vaak naar
Paradiso en Fantasio. Blowen? Niet echt. Maar ik had wel mijn haar tot op
mijn schouders en droeg kleding uit de dump.
Bij een stalletje in de Oudemanhuispoort vond ik een boek over Maria. In een
paar dagen voltrok zich de ommekeer. Ik ging van het newageachtige kosmische
naar het persoonlijke van het christendom. Naar de relatie met God, Maria,
de heiligen en engelen. Zijn liefde. Ik was terug bij het geloof. Na zeven
jaar ben ik weer aarzelend naar de kerk gegaan. En toen kwam die roeping.
Ik was afgestudeerd, wilde trouwen, kinderen krijgen, carrière maken.
Ik had ook verkering en alles. Nog even heb ik gedubd, want ik kon een baan
krijgen bij de kamer van koophandel."
Sub tuum praesidium, onder uw bescherming, de eerste woorden van
het alleroudste Mariagebed, in een papyrustekst uit Egypte is het van jongs
af aan meegekregen motto van Jan Punt; zijn ouders lieten op de buitenkant
van hun huis een groot mozaïek van Maria aanbrengen, dat er nog steeds
is.
Na het Mirakel van Amsterdam in 1345, dat de stad van Keizer Maximiliaan van
Oostenrijk na een pelgrimage het recht gaf de keizerskroon in het wapen te
dragen, nu nog op de Westerkerk, vindt de huidige bisschop het een tweede
wonder dat na 664 jaar nog steeds jaarlijks zo 'n tienduizend mensen de Stille
Omgang maken.
" Ik loop na de mis in de Mozes en Aaronkerk meestal met de jeugd mee.
Net als bij de processie op Sacramentsdag in juni, die we de laatste zes jaar
weer in de grachtengordel houden. De harmonie van Volendam voorop, ik draag
het Allerheiligste en bruidjes strooien rozenblaadjes. Ouderwets? Juist modern!
Je gaat gewoon met je geloof, met God de straat op."

Foto: Harmen de Jong
Ida Peerdeman komt bij
Bisschop Punt ter sprake:
"Tussen 1945 en 1959 kreeg zij tientallen Mariaverschijningen bij haar
huis in de Diepenbrockstraat. Ze heeft ook de dood van paus Pius XII nauwkeurig
voorspeld. Toen ik bisschop werd, heb ik de publieke devotie vrijgegeven en
later de verschijningen erkend. Zelfs Hollywood heeft de Mariadevotie nu herkend.
Volgend jaar komt The mother of the Christ uit, niet met Mel Gibson,
maar wel met allerlei andere topsterren. Ik denk dat Maria de mensen tot Christus
kan brengen. Ik heb er ooit met paus Johannes Paulus II in een privé-audiëntie
over gesproken. Hij zei toen letterlijk: 'Maria is de nieuwe evangelisatie.
Die moeten we centraal stellen.' Dat vraagt deze tijd en zo wil God het ook.
Hoe ik dat weet? Dat is mijn inspiratie, laat ik het zo maar zeggen."
+
In het Cultureel Supplement
van NRC Handelsblad van afgelopen vrijdag twee pagina's door Bianca
Stigter gewijd aan de overzichtstentoonstelling unity van natuurmens
herman de vries in Museum Kröller-Müller aan de Houtkampweg 6 in
Otterlo. T/m 6 juni, dagelijks 10-17u.
Inl: kmm.nl, de tentoonstelling
werd bij de opening in de Kersvers-kroniek als zeer aanbelevenswaardig aangekondigd.
Bovendien: op 28 juni opent een grote tentoonstelling van de vries in Schloss
Moyland in Bedburg Haus, bij Kleef. Inl.: www.moyland.de

Foto van heinz günter
mebusch, uit
herman de vries : natural relations - eine skizze -
katalog der sammlungen mit anmerkungen von herman de vries, 1989,
isbn 3-122531-72-5, 765 blz.: zum gedächtnis dem was vergessen ist
+
"Daarom moet de
mantra
van de perfectie van de wijsheid,
de intelligente mantra,
de onovertroffen mantra,
de ongelijke en gelijke mantra,
de mantra die al het lijden pacificeert,
gekend worden als de waarheid,
want er is geen misleiding.
De mantra van de perfectie van wijsheid
luidt als volgt:
ta ya tha: gate
gate para gate
para sam gate bodhi sva ha!"
Uit De Hart Soetra,
met een commentaar van Geshe Sonam Gyaltsen, Maitreya Uitgeverij, Emst, 2000.
ISBN 90-71886-17-4 - waarmede weer genoeg feestelijk voedsel uw Paastafel
bereikt.
Simon Vinkenoog, toevalstreffer.
Vrijdag 10 april 2009
Mijn eigen netwerk. Niets
te jeremiëren op Goede Vrijdag.
Onweerlegbaar is het feit dat met het ouder worden lichamelijke ongemakken
aan het licht komen, die het besef doen toenemen dat het leven werkelijk een
kunst is, als je naast het plezier ook de pijn kunt aanvaarden.
De kunst bestaat eruit dat je al wat gebeurt neemt zoals het is, soms is het
niet de flow waarin je meegaat, maar is het een hindernis of een
stagnatie. Bestaat het leven er niet uit in het voortdurend leren, tot in
de kleinste details, van vallen & opstaan, telkens weer, met al wat je
weet aan boord. Discipel van de ervaring, het houdt ook discipline in, die
van belang is bij het zoeken (of behouden) van evenwicht, als je het geluk
al gevonden hebt, en peace of mind je naar de slotsom brengt.. Het blijft
à deux een moeilijke, maar verrukkelijke opgave; elke stap krijgt zijn
eigen betekenis. Zeker als je steeds bewuster wordt van de kracht die de sterren
en de zon in beweging heeft gezet, zolang als je weet van die beweging deel
uit te maken, o zo 'n kleine kruimel stof op de rok van de mantel van de eeuwigheid
- en het Alles waar je mee bezig bent geweest, wordt Niets.
Niet niets. Je hoeft er niet tegen te strijden; het moet geen gevecht worden
- het gaat er niet om de dood als vijand of tegenstander te beschouwen; met
filosofie kom je geen stap verder, maar je kunt je verdiepen in de uitspraak
van Ludwig Wittgenstein:
Der Tod ist kein Ereignis des Lebens. Den Tod erlebt man nicht.
De Dood is geen gebeurtenis van het leven. De dood beleef je niet.
Of, zoals Jim Morrison
van The Doors (of Perception) het wat rauwer uitdrukte:
No-one gets out of here alive.
Niemand komt hier levend uit.
Eigenlijk de eerste les
die ieder mens zich eigen zou moeten maken.Van nature weten. Niet weg-denken,
niet ontwijken; hoeft geen enkel feest te vergallen, maar brengt je wel dichter
bij de uiteindelijke keuze: Hebben of Zijn.
Paasboodschapjes over; we gaan het rustig houden voordat ik weer ga repeteren
en optreden - hierover nader.
Prettige, betekenisvolle paasdagen toegewenst, mogen Licht en Liefde ons pad
verlichten.
Al het andere komt me vandaag zo onbelangrijk voor, dat ik het hierbij laat.
Simon Vinkenoog, levenslang.
Donderdag 9 april 2009
Het mocht er van komen;
de ontmoeting met een van Jan Cremer's zeer volwassen kinderen, Cliff Cremer
en zijn halfzusje Puck le Clercq - hun moeder Hester, voor de kinderen Billy,
kende ik al voordat zij zich aan Jan waagde: samenwonend met Dicky Polak heb
ik hen samen op de Leidsegracht geïnterviewd voor het tijdschrift Goed
Wonen - ooit terug te vinden.
Die tijd maakte ik zeer lijfelijk de hoogzomer van 1962 op Ibiza mee, waarvandaan
brieven van Jan aan vrienden uitgroeiden tot IK Jan Cremer, 1, 2, 3 -
infinity.
Op een gegeven ogenblik is het in zo 'n gesprek natuurlijk: Nu genoeg over
Jan, hoe gaat het met ons & jullie? Zeer verhelderend, in velerlei opzichten.
Soft Secrets, (in)discreties en bovenal ontspannend, hetgeen Edith's
camera-oog toont.
+
Jammer; ik dacht een nagel aan mijn doodkist kwijt te zijn, maar daar is hij weer - sinds de eerste aanvaring in 1950, toen ik hem (duizend keer sorry) buitensloot, en niet opnam in de bloemlezing Atonaal. Gaat het zover terug? Ik denk van wel.
Alles wikkend en wegend
vindt Coen de Jonge dat ik met deze uitspraak Kousbroek onrecht doe. 'Wij
hebben ook ooit in de situatie verkeerd dat onze dochter rond haar vijftiende
een week zoek was, en ik weet hoe diep de ellende is waar ouders dan in verkeren.
Je zoekt bij iedereen steun, zeker bij mensen die tot je vriendenkring behoren
- je verwacht dan hun loyaliteit in alle opzichten. Om die teleurstelling
nu af te doen met een verwijzing naar zijn ontbreken in Atonaal lijkt me te
gemakkelijk, en bijna een beetje vilein. Ik denk dat hij echt vanuit het ellendige
gevoel van toen praatte."
Of ik dat bij nader inzien ook vind? Coen dient toch te weten dat de verstandhouding
met Rudy K altijd enigszins vilein is geweest; men leze slechts zijn Anathemata's!
- een en ander doet natuurlijk niets af aan het verdriet, nauwelijks mee te
leven - en zeker niet om aan te denken - van het verlies van een kind, of
het nu jong of volwassen is.
Aan de andere kant wil ik nogmaals benadrukken dat het om een vluchtige
ontmoeting van een paar minuten ging; ik heb er nooit méér van
gemaakt en slechts mondeling gewag. Dit speelde veertig jaar geleden!. Ik
dacht in een soort wapenstilstand (of is het gewapende vrede?) met hem te
verkeren; eens in de zoveel jaren zeggen we elkaar vriendelijk gedag en voeren
soms zelfs een gesprek, vaker met Remco in de buurt.
En over Remco Campert gesproken; daar is-ie:
+

Remco Campert in Parjs
1951, foto door mij genomen in Parijs, waarschijnlijk bij Le Mabillon
op de Boulevard Saint Germain-des-Prés. Toen mijn camera'tje een dagelijks
kameraadje was...
Nu zie ik foto's zonder ze te nemen, al klik ik ook graag met Edith weg -
zoveel heerlijk te deleten, teveel beweging voor die ene miljoenste
seconde die je zag.
Bovenstaande kaart is de uitnodiging voor de tentoonstelling Jagen, Leven,
Herinneren, boeken, tijdschriften, handschriften, foto's, tekeningen
en andere bijzonderheden van Remco Campert bij Demian aan de Wolstraat 2 in
2000 Antwerpen, die zaterdag 18 april 15 u al worden geopend door Brechtje
Louwaard.
Zij presenteert ook de bibliofiele uitgave van Demian en Het Gonst van jagen,
leven, herinneren -
nieuwe gedichten van Campert met kleurenlitho's van Ysbrant. Beiden tekenen
onder begeleiding van Rudolf Broulim ter plaatse een extra litho op de steen.
De tetoonstelling is te zien tot en met 16 mei 2009, woensdag tot en met zaterdag
10.00 tot 18.00. Alle informatie op www.demian.be,
info@demian.be en in uiterste Nood: 0032 (0)3 233 32 48.
Dit was de informatie
vandaag; geen melding gemaakt van prettige gesprekken ook met Nico Keuning
(Gaston Burssens was de vergeten naam), fotograaf Vincent van Gurp, Melle
van de OBA
- die ons een cd'tje van OBA Live van 8.10.08 bracht. Geen harde
woorden; harde feiten.
Et la vie continue, constateerde Simon Vinkenoog, horticularis.
Woensdag 8 april 2009
Spinvis op z'n eentje.
Met de voorstelling Kamermuziek heeft de immer inventieve Erik de
Jong een nieuwe parel toegevoegd aan de programma's die hij sinds 2002 ten
gehore brengt.
Bovendien keert hij als solist terug, na meerdere jaren met een uitgebreid
ensemble te hebben rondgereisd, en hij verbluft zijn publiek weer met de vondst
drie video-schermen als grote open ramen naast zich op het toneel te hebben,
waarin telkens andere figuren opdoemen: hijzelf viervoudig, of met gasten
als Hans Dagelet, soms als triplet, Esther Apituly, Gideon Relyveld, Simon
en Edith, zijn ouders en Saartje van Camp.
Bekende liedjes, soms absurd en surrealistisch, verkrijgen zodoende een nieuwe
dimensie; waargemaakt wordt wat eerder in het Algemeen Dagblad hypnotiserend
werd genoemd. 'Die trance stelt Spinvis in staat om zijn publiek mee te voeren
in een wonderbaarlijk universum, waarin zelfs gevonden voorwerpen een magische
glans krijgen.' Hij toont het publiek openlijk zijn sample-techniek
en laat zien hoe je op je eentje een heel orkest kan laten spelen; het gemak
en de ontspannen sfeer waarbinnen hij opereert verhullen nauwelijks de virtuositeit
en het talent, om niet te zeggen, genie van zijn liedkunst: het schrijven,
componeren en zingen van licht melancholische en immer ontroerende teksten,
die van betrokkenheid en bewogenheid spreken.
In april en mei ( vanavond een tweede uitverkochte Kleine Komedie
in Amsterdam) staan nog een kleine dertig voorstellingen op de speellijst:
kriskras door Nederland - zie www.spinvis.nl
of www.excelsior-recordings.net.
Ga dat zien; een bijzondere aanrader!
+
Na biografieën te
hebben geschreven van Max de Jong, Jan Arends en Bob den Uyl heeft Nico Keuning
(1952) zich gezet aan het leven en werk van Johnny van Doorn (1944-1991),
t.z.t. te verschijnen bij De Bezige Bij.
Hij was hier gisteren op bezoek; een prettig gesprek met de maximumduur van
twee uur; uiteraard vind ik het plezierig mijn mening en visie te mogen geven:
toegevoegde waarde! En verheugd ben ik ook als Edith mij daarbij aanvult:
haar geheugen voor details is groter dan het mijne, en zij herinnert zich
überhaupt meer dan ik meestal doe. Wat heb ik toch opmerkelijke figuren
op mijn levenspad gevonden; en nog steeds!
+
Tjebbe van Tijen en Eric Duivenvoorden zijn een monument voor Robert Jasper Grootveld aan het bouwen met een aan hem gewijde website. Ook na zijn overlijden blijft hij in het nieuws; ten getuige het volgende bericht uit het Stadsdeelnieuws Centrum Amsterdam van 6 april:

Er is meer dan dit te doen. Ik doe het nu, met de hooggeachte Joep - wij stellen een gewijzigde herdruk van Goede raad is vuur samen, vijf jaar na de eerste (uitverkochte) versie van deze poëtische handreiking. Gegroet, belangstellenden! Simon Vinkenoog, schriftsteller.
Dinsdag 7 april 2009
LADY SINGS THE BLUES
Radio WKCR New York viert
de verjaardag van Billie Holiday (1915-1959) met een 24 uur durende Birthday
Broadcast. Vanaf dinsdagochtend 6.00 uur (onze tijd). Ga daarvoor naar www.columbia.edu/cu/wkcr/
, en klik ‘live broadcast’.
Voor een overzicht van alle (15) birthday broadcasts: klik ‘jazz’
in de WKCR home page en scroll naar beneden.http://www.jazz.com/dozens/b-holiday-dozens
Dankje, Bert Egers - die mij zo nu en dan verrast, mijn jazzy e-mail-pal.
Wat een swingende manier om de dag mee te beginnen en een paar traantjes weg
te pinken.
+
Als je op een gegeven moment het inzicht krijgt, dat ieder mens met eigen bedoelingen op het levenspad is gezet, ben je minder geneigd oordelen te vellen. Yin-Yang, n'est-ce-pas? Er blijven schavuiten en bedriegers over, die je liever uit de weg gaat, je weet dat macht gepaard gaat met corruptie naar buiten en gewetenloosheid naar binnen, je weet dat het idee 'Staat ' achterhaald is en een 'Nieuwe Wereldorde (gevaarlijk conspirationeel begrip) noodzakelijk zal zijn om mondiale gordiaanse knopen door te hakken: voorlopig is het nog niet zo ver, en andere ongewisheden zijn dichter bij dan wij ons nu kunnen voorstellen, of bevroeden - zei de vroede vader die ik nooit was.
+
Ondertussen heb ik maar
mooi iemand gekwetst, zonder het te willen; bij mij is het Misverstand zonder
Moedwil - waar zij bij W.F.Hermans paranoïde samenkwamen.
Niet zonder reden komen deze week twee uitgaven onder mijn ogen, die - hoe verschillend
ook - van een en dezelfde uitgeverij afkomstig zijn. Uit 1954 stamt Mijne
Ervaringen op Sociologisch Gebied van Frederik van Eeden, oorpronkelijk
gepubliceerd in De Gids anno 1907 - een aan de Duitse vertaling toegevoegd
hoofdstuk van zijn vijf jaar eerder verschenen boek De Blijde Wereld.
Waar het hier om een klein formaat (15 x 20 cm) brochure van 32 pagina's gaat,
ziet de andere uitgave er uit als afkomstig van het Stedelijk Museum: de Engelstalige
uitgave mondrian or miro van Joost Baljeu uit 1958, 32 pagina's tekst
plus een katern (16 p.) sprekende z/w reproducties op glanspapier, 19 x 25 cm.
Beide uitgaven werden gepubliceerd door De Beuk, Stichting voor Literaire Publicaties,
in 1953 opgericht door Wim J. Simons, Johan Polak en Frits Knuf. Haar doelstelling
was de uitgave van literair werk dat vanwege de speciale aard of de beperkte
omvang niet of moeilijk een plaats kon vinden bij de reguliere commerciële
uitgeverijen.
Na het vertrek van Polak en Knuf - die ieder een eigen naam verwierven: Polak
als uitgever-boekhandelaar-maecenas- & autografen-collectionneur, en Knuf
als antiquaar en uitgever onder meer van bladmuziek - zette Wim Simons de uitgeverij
alleen voort.
Ik heb Wim Simons in 1948 voor het eerst ontmoet; het jaar van de vele kamertjes
waar over de toekomst werd nagedacht en mensen gestencilde blaadjes uitgaven
voor gelijkgezinden; alles in zeer klein verband. Niels Augustin had zijn de
dualist, er verscheen een keerkring - zeer vage noties, ik ging
dat najaar naar Parijs en liet Nederland achter, niet zonder met Ferdinand Langen
de afspraak te hebben gemaakt voor het blad Ad Interim over interessante
gebeurtenissen aldaar te schrijven.
Het werd een verslag van Guillaume Apollinaire's Les Mamelles de Tirésias,
een pantomime van Marcel Marceau en als derde een bespreking van het Journal
du Voleur van Jean Genêt - het laatste verscheen in De Gids van
mei 1950, na de fusie met Ad Interim.
Mijn gedicht Heren Zeventien werd in de winter van 1953 uitgegeven
als deel 3 van de eerste serie A voor de Vriendenkring van De Beuk; ook na mijn
terugkeer in Nederland leerde ik Wim Simons in andere functies kennen, als boekhandelaar
bij Van Heteren (boven de gelïeerde uitgeverij Meulenhoff) op het Rokin;
voor een vouwblad over science-fiction vroeg hij me een verhaal, het enige dat
ik ooit geschreven had; het speelde zich notabene af rond de brand uit 1929
in het Paleis voor Volksvlijt dat op enkele honderden meters afstand van Edith's
woning aan de Sarphatistraat ligt!
Wim Simons was adviseur voor uitgverij De Boekerij, waar mijn Signalementen
verschenen (coverstories uit de Haagse Post) en Boekje Open,
waar - jaren werk - vijf schrijvers Campert, Oolbekkink, Simons, Verhagen en
Vinkenoog in totaal zesentwintig schrijversportretten maakten. Het boek verscheen
in 1963 over 160 pagina's op groot formaat 21 x 29 cm, met veel foto's, sinds
lang onvindbaar, tenzij iemand me tegenspreken wil. In 1987 verscheen mijn bundel
Op het eerste gehoor bij De Beuk, met een foto - de eerste - van Edith
Ringnalda. Hij had meerdere pijlen op zijn boog, gaf een tijdschrift voor fietsers
uit en bediende de Nederlandse boekhandel met een maandelijks overzicht ( Het
Nederlandse Boek) van recent verschenen boeken: monnikenwerk.
Sinds de oprichting van de Beurs voor Kleine Uitgevers, de derde zondagmiddag
in Amsterdams' Paradiso, zag ik hem minstens eens per jaar, zijn fonds voor
zich uitgesteld. Sinds 1985 deed hij dat met aan zijn rechterhand Carla Dura,
dichteres met Franse theateropleiding (o.m. bij George Vitaly) en actrice bij
de Haagse Comedie en Ensemble, die zijn trouwe levenspartner
werd.
Het is jammer dat Wim Simons deze liefdevolle verhouding nooit geëcht heeft;
na zijn overlijden in 2005 'ontfermden' zijn erfgenamen zich over zijn papieren
en bezittingen, en lieten van alles veilen bij De Eland/Van Gendt Book Auctions,
september vorig jaar.
In Het Boekblad dat hiervan gewag maakte, wordt vermeld dat het gaat
om originele manuscripten, typoscripten, brieven en documenten van onder meer
Achterberg, Andreus, Bloem, Bomans, Campert, Van Duinkerken, Van Deyssel, Gust
Gils, Jacob Israël, Kloos, Kouwenaar, Lucebert, Mulisch, Roland Holst,
Verwey, Vestdijk en Hendrik de Vries. Plus van mij, meldde Joep Bremmers die
de veiling bezocht - ze gingen aan zijn neus voorbij.
Er volgde voor zover ik weet één enkele recatie in het Boekblad,
geschreven door de schoonzoon van Carla Dura en ex-boekverkoper Jan Vinck:
"Niet dat het van enige invloed kan zijn (aan de loop der dingern valt
tentslotte niets te veranderen), maar het is goed om te weten dat Carla Dura,
de jarenlange levenspartmer van Wim Simons en vanaf midden jaren 80 mede-verantwoordelijk
voor de inhoud bij de Beuk, deze bijzondere nalatenschap graag bijeen had gehouden,
bijvoorbeeld door persoonlijke notities, brieven en bijzondere uitgaven over
te dragen aan het Letterkundig Museum in Den Haag.
Helaas hadden uitgever en compagnon hun privé-relatie nooit bij de wet
laten vastleggen en bleef Carla na het overlijden van Wim met lege handen achter.
De erfgenamen deden vervolgens hun 'ding', en hebben nu vanuit goede koopmansgeest
(lees: gevoelloosheid) besloten dat de 'inboedel' best versnipperd mag worden.
Dat cultuur een intrinsieke (en te beschermen) waarde vertegenwoordigt valt
sommige mensen moeilijk uit te leggen. De commerciële waarde ervan begrijpen
zij des te beter."
Over deze trieste aangelenheid
heb ik geen enkel woord gelezen. Mij ligt die op de maag: Is dit geen onderwerp
voor een reportage, niet iets voor een onderzoekende Parelduiker? Een
scriptieschrijver?
Bij wie zijn al die papieren terecht gekomen; wat doen de eigenaren ermee? Volgens
Joep lagen er ook handschriften en brieven van mij tussen, die zowel hij als
ik graag zouden (weer)zien. Dat zal ook anderen gelden. Wist het Letterkundig
Museum hiervan af; waren Wim en Carla werkelijk zo naïef en onwerelds als
het voorkomt?
Carla Dura heeft sinds 1983 zestien dichtbundels op haar naam staan, vaak met
klassieke onderwerpen, en bij tekeningen van Fred Bergisch, Nel Waller Zeper,
Jeroen Henneman, Ank Spronk, Jörg Remé en Vanesse Jacobs. Enkele
daarvan zijn nog beperkt leverbaar via http://www.dichterscollectief2006.nl/dura.php
In de komende bundel van haar hand Ongetemde kracht, 36 gedichtern met
thema's Vuur, Aarde, Water en Lucht, toont de dichter hoe moeilijk het is het
verdriet van het verlies te boven te komen. Als motto koos zij een kwatrijn
van Menno van Gelder, pseudoniem van Wim J. Simons:
Wie de wereld wil overwinnen
moet beginnen met
niet aan zijn eigen kunnen
en willen te twijfelen.
+
Woorden om je aan te houden. Ik wil het hierbij laten; zowel verdrietig om de feiten die ik aanroerde, als vreugdevol om het prijsgeven aan de buitenwereld hiervan. De rest mocht even wijken. Vanavond, straks, zullen wij zeker verrast worden door Erik de Jong, Spinvis, die optreedt in de Amsterdamse Kleine Komedie. Ook morgen nog een voorstelling aldaar en elders in den lande. www.spinvis.nl. Gegroet, medereizigers. Simon Vinkenoog, tegenlichter.
Maandag 6 april 2009
Verdrietige bekentenissen,
die je niet graag leest, van wie dan ook.
Vier keer was Pieter Kottman voor NRC Handelsblad tussen eind januari en eind
maart op bezoek in Leiden bij Rudy Kousbroek, met als resultaat een onthullend,
twee bladzijden tellend interview, waarboven Kennis gaat boven geloof
in de zaterdag&cetera-bijlage van 4/5 april.
"Bijna 80 (1 november a.s. SV), P.C. Hooftprijswinnaar, gedurende decennia
boegbeeld van deze krant en bron van polemisch wapengekletter, is ernstig
ziek, maar daar wil hij het niet over hebben. 'Schrijf maar gewoon op: hij
is op sterven na dood. '"
Wat hij te berde brengt op diverse momenten, zal menigeen verrassen. "Mijn
werk? Ik heb 99 procent van mijn tijd aan seks gedacht en, helaas niet er
aan gedaan "
De P.C.Hooftprijs kreeg hij in 1975 "omdat de jury het niet eens kon
worden over Renate Rubinstein of Karel van het Reve."
Of: "Ik ben een zelfhater, altijd geneigd mijn eigen prestaties te devalueren.
Er zijn veel krachtigere en elementairdere drijfveren dan bescheidenheid of
koketterie. Je criteria worden gevormd door je ouders. Mijn ouders en vooral
mijn moeder dachten dat ik een soort oplichter was. Ze was ervan overtuigd
dat op een goed moment aan het licht zou komen, dat ik niet deugde. Dat heeft
mijn leven bepaald. In zekere zin heeft alles wat ik gedaan heb de bedoeling
gehad aan mijn moeder te laten zien dat ik wel deugde. Maar dat helpt natuurlijk
niks!"
Mede aanleiding voor de gesprekken is de in mei verwachte verschijning bij
de Bezige Bij van de briefwisseling Machines en emoties tussen Rudy
Kousbroek en Willem Frederik Hermans 1921-1995) , bezorgd door Willem Otterspeer,
omspannende de jaren van 1959 tot 1974 - toen Hermans een eind aan de vriendschap
maakte. "Onze brouille heeft me verdriet gedaan. Ik heb jarenlang gedroomd,
dat we het weer bijgelegd hadden. Ha, we kunnen weer vrienden zijn! Maar dan
werd ik wakker en wist ik beter."
Ook ik kom ter sprake, waar het gaat om zijn dochter Hepzibah uit zijn eerste
huwelijk met Ethel Portnoy. Deze was die maanden stervende en overleed, 55
jaar oud, voor het einde van de gesprekken & gevoerde e-mail-correspondentie.
De verhouding met Hepzibah raakte verstoord.
"Op haar vijftiende, we woonden destijds in Prijs, is ze weggelopen.
Een paar maanden lang hebben we niet geweten waar ze was en ons opgevreten
van angst. Ze bleek contact te hebben met Simon Vinkenoog, die statutair een
vriend van mij was, maar die vriendschap ging niet zover, dat hij mij liet
weten dat hij haar gesproken had. In hoge mate harteloos en immoreel, maar
het werd goedgepraat met 'het grote begrijpen' en 'het universum dat bij elkaar
gehouden wordt door niets dan liefde' - al die holle frases, die man heeft
nog nooit een echt gevoel gekend. Ze is in die tijd aan de drugs geraakt,
zoals zij beschreven heeft in haar boek De onzichtbare vijand. Dat
verscheen in 2004, toen het al ver achter de rug was en de verhouding allang
hersteld."
Ga daar maar eens tegenaan
staan! In mijn herinnering één toevallige ontmoeting op de Dam;
ze vertelde me inderdaad van huis te zijn weggelopen, of ik dat niemand wilde
vertellen, verder heb ik geen 'contact' met haar gehad. Ik achtte haar als
intelligent meisje en - meende ik - streetwise genoeg, drietalige Amerikaans-Nederlandse
Parisienne, om niet in zeven sloten te geraken, al was ze geëmotioneerd
- ik vroeg niet naar adres, gaf geen vaderlijke raad - nam aan dat ze, wat
de meeste weggelopen kinderen doen, weer contact met haar ouders zou hebben
opgenomen - kortom: van geen kwaad bewust voelde ik mij tot dusverre. Waarvan
moet ik mij vrij pleiten? Was Reineke, mijn vrouw destijds, erbij? Ik heb
er wel mensen over verteld, ja - Remco Campert, Rudy's beste vriend veronderstel
ik.
Jammer; ik dacht een nagel aan mijn doodkist kwijt te zijn, maar daar is hij
weer - sinds de eerste aanvaring in 1950, toen ik hem (duizend keer sorry)
buitensloot, en niet opnam in de bloemlezing Atonaal. Gaat het zover
terug? Ik denk van wel.
Over en uit; moge Hepzibah rust vinden - waar dan ook; het is mijn overtuiging
dat informatie (kennis/gnosis) niet verloren gaat; en met de dood komt niemand
klaar die er zich niet op voorbereidt.
Zelf schreef Rudy Kousbroek onlangs aan Koos van Zomeren naar aanleiding van
diens Het dier in het dier: "Het Refrein is Hein klinkt
bij u op bijna elke bladzijde en bij mij nergens. Dat verwijst geloof ik toch
wel naar een verschil in kwaliteit: u bent niet bang, en ik ben een schijthuis.
Ik houd de dood zo goed mogelijk weg, ook uit mijn herinneringen."
En, tenslotte, alvorens een andere bladzijde in het Grote Levensboek open
te slaan: "Anderhalf jaar geleden was ik opgegeven, het was op het randje.
Ik heb toen niet de minste neiging gehad me over te geven aan het hogere.
Ik dacht: zie je wel, ik laat me ook niet door omstandigheden verleiden tot
onwaarheden."
Zie je wel? Wie je? Wat is er te zien? Wat moet je zien? We must experience surrender, les aan Rudy Kousbroek niet besteed. Tat Twam Asi.
+
Two principles in human
nature reign;
Self-love, to urge, and Reason, to restrain;
Nor this a good, nor that a bad we call,
Each works its end, to move or govern all.
Alexander Pope, Essay on Man.
+
"Het is gemakkelijker
New York naar de Noordoosterpolder te verplaatsen dan de redactie van BARBARBER
bijeen te krijgen" - was een gevleugeld woord geworden, maar kijk eens
aan : het gebeurde op de maandelijkse poëzie-zondagmiddag in de Vrijplaats
Ruigoord, zo 'n 10 kilometer de Westpoort Amsterdam uit. Bus 82; steeds industriëler
wordende omgeving. Lustoord, rustpunt, plaats van samenkomst. Het kerkje was
vol om te luisteren naar J.Bernlef, K.Schippers en G.Brands; de eerstgenoemden
hebben een naam voor zichzelf binnen de Nederlandse letterkunde gemaakt, de
derde maakte ik voor het eerst mee, als conversationalist met het uiterlijk
van iemand die in de tropen woont. Hij deed nog immer Barbarber-achtige
waarnemingen: in Bangkok liep hij door een drukke verkeersstraat en tussen
alle auto's sjokte een olifant langs. Toen hij achterom keek, zag hij een
achterlichtje aan des olifants staart gebonden.
Barbarber, waarvan Betty van Garrel het eerste nummer als uitgangspunt
voor het podiumgesprek bij zich had, verscheen van oktober 1958 tot december
1971.
"Op het eerste nummer na hadden alle afleveringen de opvallende vorm
van een in de lengte gevouwen stencilpapier. Doordat uitgeverij Querido in
1964 de uitgave van het tot dan toe in eigen beheer verschenen tijdschrift
voor haar rekening nam, was het van toen af aan mogelijk foto's in Barbarber
op te nemen. Toch werd op dat moment de ondertiteling tijdschrifit
voor teksten toegevoegd. Barbarber had vooral aandacht voor
het overgeaccepteerde, de diepzinnigheid die zich net onder de oppervlakte
bevindt. In de lijn van de ready-made techniek uit de beeldende kunst kon
alles materiaal voor Barbarber-kunst zijn: krantenberichten, advertenties,
oproepen, anonieme uitspraken enz. Dit uitgangspunt leidde tot een zekere
overschatting van het genre en soms ook tot monotonie, maar ondanks deze bezwaren
moet Barbarber een unieke plaats in de geschiedenis van het literaire
tijdschrift in Nederland en Vlaanderen worden toegekend."
Aldus gelezen op pagina 28 van de Winkler Prins Lexicon van de Nederlandse
Letterkunde, Elsevier Amsterdam/Brussel 1986.
Uiteraard kwamen anecdotes
los, en verschaften de voorgelezen teksten hilariteit of instemming, wat eveneens
het geval was, toen na de pauze Alida Beekhuis aformismes van de aanwezige
Louis Lehmann (88) voorlas, waarvan een aantal destijds in Barbarber
gepubliceerd werden. Over de medewerkers werd gesproken, de unieke Jan Hanlo,
Chris van Geel, de Nieuwe Stijl, Fluxus, John Cage, Misja Mengelberg, de deskundologie,
'pataphysica & andere vormen van waarneming & verruiming uit die roemruchte
jaren zestig. Echo's van transition, Gertrud Stein en Kurt Schwitters, een
duiventil, een behangnummer met louter Rath & Doodeheefver
Het was een fraaie middag, notenswaardig vanwege de ontmoetingen: mensen,
mensen, mensen - om wie gaat het anders?
De foto's die Edith nam, uiteraard een keuze, geven een goed sfeerbeeld. Woorden
verder overbodig; wij groeten u - leve de weg die wij begaan. Vive la
vie! Simon Vinkenoog, mattenklopper.
Een volle kerk in Ruigoord.
Links dichter Jan Kal en de dochter van Gerard Brands in gesprek met Erica
Stigter-Hoornik
Schippers, Bernlef, Brands
Henk Bernlev, Betty van Garrel, Gerard Brands en (stukje) Simon
Louis Lehmann en Simon
Met Theo Kley, foto ten afscheid door Billy genomen
Zondag 5 april 2009
"Maar nee - ik ga
toch een andere kant uit dan de meeste atonalen, misschien eenmaal ik niet
alleen - maar dat kan ik niet bepalen voorshands. En over jou - wat kan ik
over jou zeggen. Je bent - vergeef me - jong, je bent door minder heen geweest
dan ik; niet dat ik een oude man ben, maar je begrijpt. Wat kan ik dan zeggen?
Je hebt nauwelijks een super-ego, een grote kwaliteit. Je hangt spartelend
in de buidel van je kangoeroe-moeder en je vindt het plezierig en
hoe meer je gekraakt wordt hoe beter - je rem of misschien ook een kwaliteit
als je het weet te hanteren, op en dag. Leermeester ik? Grote God, ik!
Uit mijn nieuwe bundel De 25 Sonnetten van de Kleine Waanzin: "Ik loop
waar ik val en mij op moet rapen." Maar ik wil los zijn. Begrijp
je dat? Ik wil het licht in het licht en de wereld in de wereld en
de ruimte in mijzelf en ikzelf ben ook de anderen. Bon. Ik laat het hierbij.
Ik wil de liefde. En dat noemt men zwevend en halfzacht. Maar daar is zoveel
moed en hardheid voor nodig en zoveel doodsverachting en moed om door de grootste
ellende heen te gaan, omdat je er dan doorheen moet gaan, en omdat ieder groter
worden van bewustzijn ontzettend veel ellende met zich mee brengt - zee van
bloed en tranen - ; en dat begrijpt men niet, wil men niet begrijpen, omdat
men zelf als de dood is. Logisch. Maar wat ik de liefde noem, 3 + 1 etc.-ruimte?
L'innommable, 'che move il sole e le altre stelle 'is ook een harde en verschrikkelijke
realiteit. Een enkele keer lukt het met zijn tweeën - de ander wordt
een vormgeving van het andere, maar meestal lukt dat niet - zie mijzelf.
En dan moet je het maar alleen doen."
Hans Andreus aan Simon Vinkenoog, maart 1956.
In Hans Andreus | Simon Vinkenoog: Brieven 1950 - 1956,
Inleiding, tekstverzorging en aan tekeningen door Jan van der Vegt, Uitg.
de Prom, 1989.
+
De reislust van mijn boeken! Sommige zijn met mij al sinds de vroege jaren vijftig onderweg, blijven onuitputtelijk, zijn allerlei onderkomens gewend, worden vergeten en teruggevonden, aangetroffen en herkend. Er zijn twee boeken naar mij onderweg van Timothy Wyllie, wiens (zeer interessante) webstek ik hier gisteren vermeldde; hij reageerde onmiddellijk op een van de 10 achterstallige e-mailtjes die ik te verzenden had. Voor mijzelf en Edith is het dan interessant als ik het meer dan twintig jaar geleden verschenen boek Dolphins Extraterrestrials Angels in a jiffy (1,2,3) te voorschijn weet te halen. Eindelijk aan lezen toe; met reden: contact is hersteld.
+
Heel veel boeken hebben
hier in huis hun vaste plaats nog niet gevonden, liggen dwars op andere, stapelen
zich op (Van Ostaijen, Aldous Huxley, Nabokov). Zo nu en dan transporteer
ik iets (meestal papieren) naar het Vondelarchief, of naar ons tweede tuinhuis
(Library: Members Only) en er staat meestal wel een stapel klaar
voor de tweedehandsmarkt; je eigen schatting van de opbrengst is meestal hoger
dan die van de koper; toch ga je dan niet pingelen.
Uiteraard heb ik in de loop der decennia zoveel ongelezen aangeschaft, verkregen
en opgepikt (stelen al heel lang niet meer), dat ik voortdurend trouvailles
opdoe, als ik iets grijp en opensla. Er is een tijd geweest dat ik heel veel
science-fiction las (nu leven we er middenin) en een van de auteurs, wier
naam je dan bij blijft, is Robert A.Heinlein (7 juli 1907 - 8 mei 1988), wiens
Stranger in a strange land mij altijd is bijgebleven.
Reden waarom ik ooit zijn Grumbles from the Grave heb aangeschaft,
eveneens een brievenboek, na zijn dood samengesteld door zijn weduwe Virginia
Heinlein (Del Rey, Ballantine, New York, 1990. Pocketuitgave, 330 pagina's).
In 25 hoofdstukken, bio, biblio en drie addenda "his most personal thoughts
and opinions on publishers, travel, juvenile novels, adult novels, work habits,
fan mail, housebuilding and its demands and frustrations, reviews and his
writing methods, as well as the ethics he saw in writing good science fiction."
5 oktober 1988 ontving Virginia Heinlein de hem posthuum uitgereikte NASA
Distinguished Public Service Medal .".. in recognition
of his meritorious service to the Nation and mankind in advocating and promoting
the exploration of space. (...) Even after his death, his books live on as
testimony to a man of purpose and vision, a man dedicated to encouraging others
to dream, explore and achieve."
In haar dankwoord maakte Mrs. Heinlein gebruik van een tekst, die Robert in
1952 had uitgesproken in het befaamde CBS-programma This I Believe
van Edward R. Murrows.
Een mooie tekst, die ik zoveel laar later graag weer aan de man/vrouw breng,
en anderen toevertrouw.
Ik sta op de zondagsmarkt en roep: Geluk, geluk in al wat je doet! Geloof
me! Simon Vinkenoog, in vormgeving.

Zaterdag 4 april 2009
Een zeer goed gesprek
voert Rick de Leeuw in het maandblad ZIN, nummer 4, april 2009 met schrijver-dichter
Remco Campert, die 28 juli de tachtigjarige leeftijd bereikt, 'een tafelgesprek
over jazz, meisjes, de eeuwige twijfel en de reddende kracht van de poëzie."
In feite is het tot monoloog gemonteerd, waarin Remco zich zeer uitvoerig
en openhartig uitlaat, over zijn verweesde jeugd, zijn verlegenheid, de lacunes
in zijn kennis, gestoethaspel in relaties ("in het gebouw Campert ontbreken
nogal wat stenen, die ik er niet meer in kan metselen") en twijfels.
Over zijn intense liefde voor jazz, maar ook over zijn writer's block-periode
spreekt hij indringend; twee pagina-grote foto's, een CV-kolom over drie pagina's
en drie 'functionele 'gedichten verlevendigen het gesprek; de heren tafelen
voor twee dankzij restaurant Peperwortel met een keur van delicatessen, incl.
twee flessen heerlijke rode wijn voor € 100.-
Uiteraard kan ik - een jaar ouder zijnde - ook met Remco (die ik sinds 1950
ken) meevoelen, waar hij zegt:
"Ik ben oud. Bijna tachtig is oud. Punt. Ik hoop van harte dat ik nog
veel ouder word. Ik neem graag een voorbeeld aan mijn vriend Henk Hofland.
Hij is een paar jaar ouder dan ik (20 juli 1927, SV), werkt nog als een paard.
Helder van geest, niet stuk te krijgen. Henk wordt stokoud, dat kan bijna
niet anders. En ik wil daar graag bij zijn. We gaan nog regelmatig samen uit
eten, en elke keer houden we er vaag rekening mee dat het misschien wel de
laatste keer kan zijn. Op onze leeftijd houdt dat ons bezig. De dood is natuurlijk
altijd dichtbij, maar dat besef groeit als je ouder wordt. Dus nemen we telkens
iets langer afscheid, al bezweren we dat het natuurlijk niet de laatste keer
is. Maar, je weet het maar nooit."
Volgt het gedicht Overtoom, uit Nieuwe herinneringen, 2008
dat eindigt met de woorden 'Misschien je weet maar nooit.'
"Nog altijd ben ik opgelucht, verwonderd bijna, als ik merk dat mijn
werk in de smaak valt. Natuurlijk weet ik zo onderhand wel welke reacties
ik verwachten kan, en van wie, maar de twijfel is nooit minder geworden. Ik
schrijf natuurlijk niet enkel om bevestiging te zoeken. Het gaat mij om die
telkens opnieuw beginnende zin in het schrijven, en daarmee ook de zin in
het leven. Die twee vallen steeds meer samen."
+
De afgelopen maanden publiceerde
de Volkskrant's Cicero-bijlage in de rubriek Het kwintet
de
antwoorden van auteurs en publicisten over de vijf boeken van hun voorkeur.
In de laatste aflevering daarvan kwam gisteren de dichter en P.C.Hooftprijswinnaar
Hans Verhagen aan het woord (blijkbaar overdadig: de volledige versie van
de ingekorte tekst is aan te treffen op vk.nl/kunst).
"Eerlijk gezegd ben ik nooit zo 'n boekenwurm geweest. Aan hoogdravende
discussies onder oudere gymnasiasten over de nieuwe Vestdijk en de invloed
van het Duitse expressionisme op het werk van Marsman heb ik nooit deelgenomen.
Ik vrees dat ik tot de eerste generatie behoorde voor wie de literatuur niet
langer sowieso heilig was. Ik geloof dat het of all people Gerrit
Kouwenaar was die een slagzin lanceerde die vroeger evengoed voor mijn credo
had kunnen doorgaan: 'Leven is belangrijker dan lezen.' (...) Eén ding
staat onomstotelijk vast: de groep dichters aangeduid als de Vijftigers heeft
een beslissende rol gespeeld in de vrijmaking van niet alleen de Nederlandse
poëzie maar van het hele kunstklimaat."
+
Wij luisteren naar een
swingend plaatje, gesampled (verzameld) door dj Blue Flamingo, een Excelsior
recording's cd uit 2008. Genaamd Oriental Nitty Gritty (1930s Oriental
Flavoured Jazz-Exotica), The Spanish Tinge & the French Connection
(1930s-1940s Spanish & French Caribbean) en Ritmo & Blues
(1950s Mambo & Rhumba Flavoured Rhythm & Blues) een zeer verrassende
keuze uit het bestaande 78 r.p.m. repertoire. Meer dan een uur, 23 tracks,
excel96143.
Lieflijk, fors, verleidelijk, uitnodigend, swingend - beweging bewerkstelligend;
je kunt er niet stil bij blijven zitten...Hoeveel klankwerelden via je beide
oren zich toegang verschaffen; soms levenslang. Wat je ogen blijven zien.
O hoe heerlijk alles kan zijn, en IS.
+
Een e-mail uit de VS,
van een Amerikaans schrijver die ik twee keer in het verleden heb ontmoet,
de eerste keer als Father Micah van The Process Church, een gemeenschap
die zich van Theo Niermeier had mogen vestigen in diens atelier aan de Westerdokskade,
en naderhand (1984 third printing july 1988) als auteur van het boek Dolphins,
Extraterrestrials & Angels - een uitgave van Bozon Enterprises in
cooperation with Knoll Publishing Co. Inc, 8931 W. Washington Blvd. Fort Wayne,
IN 46802.
Hij wil mij zijn magnum opus, The Helianx Proposition doen toekomen
(after 30 years of work). Natuurlijk, ja, graag! If you want to give the project
a cursory look-at, check out my website http://www.timothywyllie.com
and click on Helianx in the banner.
Een mooie herinnering aan zijn Amsterdams bezoek destijds: I recall I first
heard The Band's Big Pink album in your living room - a favorite memory.
Met deze herinnering aan de toekomst seven kisses mambo afscheid voor vandaag; prettig weekeinde. Simon Vinkenoog - Erkend Zichzelf.
Vrijdag 3 april 2009
"De week van
het succes
3 - 10 april
Degenen die uit zijn op
succes deze week, moeten zichzelf in het middelpunt plaatsen van alle gebeurtenissen
om hen heen. Bedenk echter wel dat in deze periode niet iedereen roem beschoren
is. Menig stil of bescheiden indivdu kan zijn taak gunstig beïnvloeden
door ervoor te zorgen dat zijn werk onmisbaar is voor anderen. Dit kan worden
bereikt door een belangrijke rol te spelen in familieaangelegenheden, in de
werkkring of in sociale organisaties. Dit is niet het moment om verlegen of
teruggetrokken te zijn, maar om voor onszelf en onze overtuigingen op te komen.
Dit kan heel goed de eerste week sinds de koude, donkere winterdagen zijn
dat we eindelijk onze beschutte cocon verlaten en in het verblindende licht
van erkenning belanden. Dit is geen eigenwaan of ongeremde ijdelheid, maar
een krachtige eis dat wij en ons werk serieus genomen worden. Mee te tellen,
ertoe te doen, belangrijk te zijn voor anderen, dat is de boodschap van deze
week. Uiteraard hoort daar appreciatie bij, want zonder dat zou menig zwakkere
ziel misschien niet de vereiste moed tonen voor zijn persoonlijke en beroepsmatige
succes. (...) Spiritueel succes kan worden afgemeten aan de hoeveelheid toewijding
en de beëindiging van lankmoedige, verslavende of andere zelfdestructieve
neigingen. Degenen die streven naar hoge spirtuele idealen, bereiken misschien
ook een voorheen onbereikbaar niveau van begrip of acceptatie. Onderdanigheid
en dienstbaarheid, in een door status geobsedeerde maatschappij niet vaak
beschouwd als hoge idealen, kunnen eindelijk worden bereikt, en samen daarmee
een ontkenning van zuiver egoïstische neigingen. Dit weerhoudt zulke
mensen er helemaal niet van een gezond ego te ontwikkelen dat gelijk opgaat
met persoonlijke gezondheid en onwikkeling."
Deze wijze woorden ontleen
ik aan het boek van Gary Goldschneider (1939), Astrologie voor de vier
seizoenen - ontdek wat iedere week voor je betekent, in 2003 verschenen
bij Altamira-Becht, ISBN 90 6963597 6, www.altamira-becht.nl.
Ik zal er vaker een kijkje in moeten nemen!
Voor NU: succes! Geluk in leven en bestaan - ik sta op de markt en ik roep!
+
Een onstuimige lente,
plotseling. Al vroeg ter been, en op naar de tuin in de Noorderzon, om pas
weer terug te keren toen we de wereld zagen doordraaien. Gisteren een plaatje
van mij, vandaag de miljoenen pixels waaruit mijn geliefde bestaat, om een
indruk te geven van het ont-luiken, ont-botten, op weg naar de uiteindelijke
ontknoping, the Plot.
Het water is weer aangesloten, panta rhei, ik kon sproeien naar hartelust
en Edith, relaxend na gedane arbeid, nam de eerste kikkers en salamanders
in de vijver waar.
Laat nu iedereen maar komen, zei ze. Ik, verschrikt: niet allemaal tegelijk!
Tussen de bedrijven door een spelletje scrabble
+
De nbd biblion (www.nbdbiblion.nl)
heeft onlangs de volgende Aanschafinformatie aangeboden aan de openbare
bibliotheken in Nederland.
"Vinkenoog verzameld: gedichten 1948-2008 / Simon Vinkenoog; bezorgd
door Joep Bremmers. Amsterdam, Nijgh & Van Ditmar, 2008, 1228 P. 23 cm.
Met biogr, lit.opg. reg
ISBN 9789038890739 - NEDERL. 875 (1A).
Met deze uitgave bezorgde Joep Bremmers een leeseditie voor een groot publiek.
Ze bevat Vinkenoogs gedichten van 1948-2008 die een historische waarde vertregenwoordigen:
de dichter is van meet af aan een gedreven pleitbezorger geweest voor zowat
het hele literaire leven in Nederland en daarbuiten. Van de Vijftigers via
een tijdelijk dichterschap des Vaderlands tot het aanjagen van poëzie
als podiumkunst in de 21e eeuw. We zien de jonge, existentialistische Simon
worstelen met wanhoop en haat jegens de maatschappij, streetwise maar beseffend
dat het doodlopende straten zijn. En hoe hij later, soms geholpen door geestverruimende
middelen, bevangen wordt door liefde voor en mededogen met de medemens. Uitvoerige
info over zijn leven en dichterschap sluiten deze bundel af. De breedsprakige
Vinkenoog bezorgt de poëzielezer niet altijd het ultieme genieten, maar
blijft interessant als begeleider van vele culturele stromingen in deze tijd.
Els van Geene."
+
Moemoemoe, bevredigd &
voldaan vermoeid Morgen opnieuw de onweerstaanbare aantrekkingskracht van
de voorjaarstuin, zondagmiddag de BARBARBER-redactie weer bijeen op Het Woord
in Ruigoord.
Late Night Special - take it easy this weekend, but take it!
Simon Vinkenoog, Overtuigde.
Donderdag 2 april 2009
Zonne-aanbidders kwamen
vandaag aan hun trekken, wist de weerman vast te stellen.
Morgen evenzeer, dus begeven wij ons opnieuw naar de tuin waar het louter genieten
is, en ik vandaag een volle tas lectuur bij me had..
Van Van Eeden tot Gary Goldschneider, van Aldous Huxley tot Timothy Leary, over
Komrij, het Dichterschap des Vaderlands, Lucebert en Jeroen Brouwers - alles
om tussen het niets doen veel andere natuurlijke dingen te doen. De snoeischaar.
De hark. De padpraat. Aanbinden. Knutselen.
Wat ik bij terugkeer te zeggen had is gezegd en in hyperspace verdwenen; Crtl-z
deed niets; een gelukkig zeer zelden voorkomende crash omdat ik een verkeerde
keuze met de cursor deed. Uiteraard geen zin het over te doen; ik hou het kort.
Er verder niets aan schort.
Leve de honderdjarige uit Zeeuws-Vlaanderen; goed voorgaan doet goed volgen.
Van verstrooidheid merk ik de gevolgen.
+
Op deze Kersvers-pagina's
kondigde ik het Trance Festival aan, dat nog t/m 5 april gehouden wordt in Antwerpen,
Amsterdam, Utrecht en Groningen; voor wie wat waar (zie www.trancefestival.org.
In de Kunstbijlage van de Volkskrant vandaag een gesprek met Harmen Bockma,
dat ik hier afdruk. Ik ben het met de man eens, en niet. Het is wel erg kort
door de bocht, meneer de kunsthistoricus-antropoloog om te stellen: "Het
Westen heeft een modernistisch, mechanisch wereldbeeld, waarin de holistische
visie op de wereld, waarin geest, lichaam en wereld een zijn, niet past."
Blijkbaar heeft de goede man geen zintuig voor het hermetisme, Europa's derde
(ondergrondse/esoterische cultuurstroom, waarin mystici, soms via de via
negativa, dan weer door clouds of unknowing, zielereizen maakten
- en reken maar dat het Ego verandert in een ego-lozer staat na een psychedelische
of visionaire ervaring, die de man blijkbaar onbekend is. De Divina Commedia:
Europees. Hadewych, Swedenborg, Boehme, Hildegard von Bingen, Meester Ekkehart,
Crowley... Zo laat op de avond dit nog te berde brengen? Sweet dreams
& ga niet uit je bol!

+
Welles/nietes. Dat was weer dat. Even niet vergeten; zelf heb ik mijn promotie-exepmplaren nog niet thuis bezorgd gekregen, maar te bestellen bij www.bol.com is de dvd Louter Genieten, vijf jaar geschaduwd en in het zonnetje gezet door Jan Schuurman. Tot spoedig, lente kriebelt, heerlijk, I'm in love with life! Simon Vinkenoog, erogeneticus.
Woensdag 1 april 2009
"Wat doet de
dwaas op 1 april?
Wat hij maar wil - wat hij maar wil..."
Zo begon - en eindigde
- een lang gedicht, dat ik 1 april 1973 voorlas tijdens een jaarlijks congres,
geheten Geestelijk Réveil; ik zou die jaarboekjes met teksten
nog wel eens willen inzien. Een altijd volle Krasnapolsky-zaal met boekenstands
van de diverse esoterische en spirutuele uitgeverijen. Leuke dagen.
Weer eens een gedicht om de dag te beginnen:
W I L L I A M C A R L O S W I L L I A M S
A sort of a song
Let the snake wait under
his weed
and the writing
be of words, slow and quick, sharp
to strike, quiet to wait,
sleepless.
- through metaphor to
reconcile
the people and the stones.
Compose.(No ideas
but in things) Invent!
Saxifrage is my flower that splits
the rocks.
+
Weer niet toevallig publiceerde Het Parool gisteren zijn (altijd boeiende) gedicht van de dag op de nut & genoegen-pagina een treffend gedicht van J.B. Charles, achter welk pseudoniem de Leidse criminoloog prof.dr Willem Nagel(1910-1983) schuil ging. Het is afkomstig uit de in 1990 bij De Bezige Bij verschenen bundel ik ben het.
J. B. C H A R L E S
Aan de schrijvers
Neem een schep woorden
schep mij een taal,
kom op, vertel een verhaal.
Maar tel 't op je vingers
na:
het moet allemaal
zelf zijn verzonnen.
Anders hoef ik het niet.
Wat jij hebt gevoeld
dat wil niemand horen,
ook niet wat je 'bedoelt'.
Dus doe niet te echt.
Praat mij niet van wetten,
ik stik al in recht.
Maar tover mij voor
en ik ben je knecht:
samen krijgen wij die verdomde
werkelijkheid er wel onder.
+
Volg het spoor terug naar
het kleine koude front; in het heden vind je alles terug wat ooit eerder gebeurde,
maar weer anders. Soms verdwijnen terminologieën; the term war on
terrorism zal door de nieuwe Amerikaanse president Obama nooit meer gebruikt
worden. Parool-correspondent Frank Hendrickx maakt gewag van Obama's bestand
in 'war on drugs ' en Derrick Bergman was aanwezig op de VN Drugstop in Wenen,
waar op 10 en 11 maart het beleid voor de komende tien jaar moest worden vastgesteld.
Voor het eerst enig hoor en wederhoor, voornamelijk door de acvtiviteiten
van Balázs Dénes, leider van de Hungarian Civil Liberties Union,
die belangstellenden uit de gehele wereld wist te trekken. Hoogtepunt was
uiteraard het optreden van de Boliviaanse president Evo Morales, die coca-bladeren
ging kauwen en ook het voortdurende kritische vragen stellen van Freek Polak
bleek niet onopgemerkt.
Goed idee om 500 exemplaren van The Economist aan de gedelegeerden
uit te delen; ik wees hier al op de werkelijke daarin vermelde feiten, en
de catastrofale gevolgen van de tot duverre gevoerde dogmapolitiek. Kris Krane
van de Amerikaanse Students for a Sensible Drug Policy wees erop
dat vooral jongeren slachtoffer zijn van de oorlog tegen drugs. Een drugsveroordeling
leidt in de VS tot uitsluiting van studiebeurzen, bijstand, publieke huisvesting
en vergunningen om bijvoorbeeld leraar of chauffeur te worden. Opgescheept
zitten met een strafblad voor zoiets simpels als marihuanabezit, betekent
dat je voor de rest van je leven geen goede baan of professionele vergunning
meer kan krijgen. Je wordt dus een drugsparia.
Aldus verslaggever Derrick Bergman/GoNZo Media in het zojuist verschenen aprilnummer
van het maandelijks verschijnende EssensiE, geestverruimend lifestyle
magazine, dat zijn dertiende jaargang aanving met een nieuwe hoofdredacteur,
Hennie Harinck - vol plannen, zoals het hoort.
Al vanaf het begin van dit blad (en de voorganger Soft Secrets) heb
ik met maandelijkse columns mijn bijdragen aan de cannabiscultuur geleverd.
Hoe kan het anders voor iemand die in 1966 mede-samensteller was (met George
Andrews) van de bloemlezing The Book of Grass, voor velen een bron
van informatie, verschenen in Groot-Brittannië, de VS, Frankrijk en Spanje
- wie weet verder elders, buiten mij om..
Met EssensiE kennis maken? www.essensie.nl,
info@essensie, of Bel Laura! 023-543 11 43. Proef en geniet.
Met het overnemen van Hennie 's Editorial in dit aprilummer (82 blz., met
vaste columnisten Def P., Mokum, DC Lama, Arno Adelaars en mijzelve) besluit
ik deze dag, op Kersvers. KEEP HOPE ALIVE! Simon Vinkenoog, Godsvonk
